top of page
  • filipvk

Wat is je verhaal? - Mijmeringen en Meditaties

Bijgewerkt op: 3 jun.




“Het is allemaal een kwestie van verhaal. We zitten nu in de problemen omdat we geen goed verhaal hebben. We zitten tussen twee verhalen in. Het oude verhaal, het verhaal over hoe we in de wereld staan, werkt niet meer. Toch hebben we het nieuwe verhaal niet geleerd.”




“Wijsheid bestaat in de context van verhalen, in de context van vertellingen, in de context van liederen. En dat alles is wat we verloren zijn en wat we moeten proberen terug te brengen.”




“Als ik me beperk tot mijn realisme, is het onmogelijk dat de wereld ooit zal genezen. Maar mijn realisme is een erfenis van een wereldverhaal dat veel beperkter is dan wat werkelijk waar en mogelijk is.”




“Elke persoon is een verhaal dat de Ziel van de Wereld aan zichzelf wil vertellen.”




“You gotta roll with it

You gotta take your time

You gotta say what you say

Don't let anybody get in your way”




Foto van James Wainscoat via Unsplash




Audio versie van deze mijmering.





Beste lezers en volgers van A Biosphere Project,



Nu ik zowat een half jaar aan het ‘Mijmeren en Mediteren’ ben, is het misschien goed om even terug te blikken. 


Is er een rode draad die zich begint af te tekenen bij deze 26 ste mijmering? Een verhaallijn of een intentie die duidelijk wordt?


Mijmeren is precies dat: zonder plan je gedachten volgen, ideeën laten opkomen en weer wegdeemsteren, de ruimte geven aan intuïties en ingevingen zonder vooropgezet plan of structuur. 

Mijmeren doet een mens niet volgens plan, toch?

Maar dat het zonder vooropgezet plan gebeurt, betekent niet dat er geen intentie kan duidelijk worden, een lijn die de verschillende mijmeringen met elkaar verbindt, een patroon dat zich aftekent.






Als ik terugblik op een half jaar mijmeren, is één ding dat me opvalt dit: het gaat vaak over perspectief, en over verhaal. 

In de mijmeringen ‘Diepe Tijd’ en ‘The Overview Effect’ had ik het over het perspectief van tijd en ruimte, respectievelijk, en hoe een verruiming van onze beleving van zowel tijd als ruimte ons een helderder inzicht kan geven in onszelf, onze échte identiteit. 


In ‘Wat als we allemaal nog ‘flat earthers zijn?’ had ik het over het beperkte perspectief op onze planeet dat we als ‘default’ aannemen, het perspectief dat bepaald is door ons leven op het oppervlak van die planeet, met onze neus erop als het ware, zonder overzicht en zonder echt geïntegreerd te hebben wat de beelden van de Aarde vanuit de ruimte ons tonen: dat we op een kleine bol leven die in een eindeloze ruimte rondsuist.


In ‘De belangrijkste 25 minuten van je leven’ had ik het over een heel ander mogelijk verhaal over wat het Universum eigenlijk is en welke rol wij daarin mogelijk te spelen hebben, een verhaal dat niet mechanistisch is zoals het huidige, maar één van verwondering over de creativiteit van een levend en evoluerend Universum dat doorheen synergie en emergentie beweegt naar steeds meer geordende complexiteit en elegante harmonie. 


In ‘Vijf Sigma (je gaat het niet geloven)’ en ‘Een wonderlijke namiddag met een bijzonder wetenschapper’ had ik het over de nieuwe verhalen die opkomen in de nieuwste wetenschap omtrent het fenomeen ‘bewustzijn’, en hoe die verhalen zozeer verschillen van de verhalen waarmee we vertrouwd zijn: bewustzijn niet als een betekenisloos bijverschijnsel van materiële processen, maar als een fundamentele eigenschap van het Universum, mogelijk in een hogere dimensie dan degene die we kunnen waarnemen momenteel.






In zekere zin kun je zeggen dat alles verhaal is. De mensheid heeft verhalen nodig zoals zij zuurstof, water of voedsel nodig heeft. En we leven als het ware in verhalen: elke ervaring, waarneming of impressie die we opdoen in ons leven, wordt (veelal onbewust) geïnterpreteerd door de filter van het verhaal dat we collectief bewonen. 

Zoals ik het zei in de introductie video op de homepage van de website: 

“Samenlevingen en beschavingen worden voor een groot deel bepaald door het verhaal waar ze collectief in leven. Het verhaal dat bepaalt wat een samenleving als werkelijk acht, wat er als zinvol wordt beschouwd, wat er wenselijk of zelfs mogelijk wordt geacht. Het verhaal waarin we collectief wonen is als een soort bril, die alles kleurt wat we waarnemen. En die bril gaat soms zelfs bepalen  wat we waarnemen en wat buiten ons gezichtsveld blijft. Het is dus van groot belang dat we ons bewust worden van onze bril”






Je zou dan ook kunnen stellen, dat de convergentie van ecologische en andere crisissen waar we doorheen gaan, wat door sommigen de ‘metacrisis’ of de ‘polycrisis’ wordt genoemd, een crisis in ons verhaal is: ons oude verhaal werkt niet meer en biedt geen oplossingen, geen ‘road map’ naar een betere wereld. Integendeel, het lijkt er meer en meer op alsof alles naar de verdoemenis gaat in steeds sneller tempo. 

Zoals Thomas Berry het zegt in het citaat aan het begin van deze mijmering: 

“Het is allemaal een kwestie van verhaal. We zitten nu in de problemen omdat we geen goed verhaal hebben. We zitten tussen twee verhalen in. Het oude verhaal, het verhaal over hoe we in de wereld staan, werkt niet meer. Toch hebben we het nieuwe verhaal niet geleerd.”


En de boodschap, dat meer technologie en meer economische groei ons gaan redden, klinkt steeds holler en wanhopiger. Dat is het oude verhaal, het verhaal van steeds meer controle en technologische macht over onze leefwereld. Het wordt steeds duidelijker dat dat verhaal teneinde loopt, maar we hebben nog geen nieuw verhaal, we zijn tussen twee verhalen in. Die ruimte tussen twee verhalen wordt in het Engels een ‘liminal space’ genoemd, en in het Tibetaanse Boeddhisme heet dat het ‘Bardo’. 


Die ‘liminal space’, de ruimte tussen twee verhalen, is geen gemakkelijke plaats om te vertoeven: het voelt alsof je verdwaald bent in een doolhof, zonder kaart of hulpmiddel om de uitweg te vinden. 

En zonder verhaal mis je oriëntatiepunten om wat er gebeurt te interpreteren. Alles gaat chaotisch of zinloos lijken. En ondertussen lijkt de hele wereld rondom ons in te storten en lijkt elke oude ordening uit elkaar te vallen in brokstukken waarvan het hoogst onduidelijk lijkt of en hoe daarmee ooit een nieuwe wereld kan opgebouwd worden.  






Een van mijn intenties met de blog en de mijmeringen is precies dat: helpen informatie verspreiden die een glimp doet opvangen van een mogelijke nieuwe wereld die zal ontstaan vanuit de brokstukken van deze. Een vermoeden van een mooiere wereld zelfs, één die in nog maar weinig zal lijken op wat we nu zien gebeuren overal rondom ons. En als we de drukte en het lawaai van onze instortende wereldorde links laten liggen en meer de stilte opzoeken waarin de stem van onze intuïtie ook hoorbaar wordt, kunnen we de fluisteringen opvangen van deze mogelijke nieuwe en mooiere wereld.

Zoals Indische schrijfster en activiste Arundhati Roy het zo mooi stelde: “Another world is not only possible, she is on her way. On a quiet day, I can hear her breathing.”






Hoofdstukken van het nieuwe verhaal beginnen zich dus stilaan maar nog veelal onopgemerkt af te tekenen in de schijnbare chaos die momenteel nog steeds enkel erger lijkt te worden. 

En dat nieuwe verhaal, of de nieuwe verhalen, zullen zo sterk verschillen van de huidige verhalen als het idee dat de Aarde rondom de zon draait verschilde van het voorgaande verhaal dat de zon rond de Aarde draait. 

Maar de transitie naar een nieuw verhaal is absoluut nodig: zonder dat geen transitie naar een andere wereld, zonder dat geen transitie naar een nieuw evenwicht van harmonie tussen onze soort en onze planeet. De convergentie van ecologische crisissen zal niet opgelost worden met meer technologie, maar enkel door het gaan bewonen van een ander verhaal. 


En het nieuwe verhaal zal er één zijn van betekenis, waarde en doel.

Betekenis, waarde en doel als zijnde inherent aan het Universum en aan het bestaan.


Dat is een heel ander verhaal dan dat van een zinloos Universum dat louter toevallig bestaat en volstrekt zonder de voornoemde betekenis, waarde en doel afstevent op een al even zinloos einde door entropie in een onbegrijpelijk verre en even betekenisloze toekomst. 

Want als er één ding is dat het huidige verhaal van de Westerse moderniteit kenmerkt, is het wel dat het een verhaal van zinloosheid is: het heelal is toevalling ontstaan, het leven is toevallig ontstaan, evolutie is een gevolg van toevallige mutaties in genen van genadeloos egoïstische organismen en de ‘survival of the fittest’, er is geen intelligentie of doelgerichtheid in het Universum, en elke waarde of betekenis is een menselijke creatie, een soort ‘troost’ die we verzinnen om het leven in dat zinloze universum een beetje draaglijk te maken. Onze technologische vooruitgang en controle over de zinloze en wrede natuur is het enige dat ons kan redden van de chaos en onze gewelddadige instincten. 


Dat is in een (heel erg gecomprimeerde) notendop het overkoepelende verhaal, de mythos, het paradigma waarin we leven. En het idee is dan dat dat verhaal ‘wetenschappelijk’ is, een idee dat verspreid is door populaire schrijvers als Richard Dawkins of Daniel Dennett. Maar dat verhaal is allerminst wetenschappelijk, en de 'wetenschap' van iemand als Dawkins is al lang geleden ontkracht door de nieuwe inzichten in biologie, fysica en systeemtheorie. En dat is iets wat ik al in een aantal ‘Mijmeringen’ heb aangeraakt. Integendeel, heel veel van de nieuwste wetenschap wijst juist in de richting van intelligentie, doelgerichtheid en emergentie als fundamentele eigenschappen van het Universum. 


En ik vermoed dat veel mijmeringen en andere teksten daarover zullen gaan de komende tijd. Want, als ik het nog even mag herhalen: “Samenlevingen en beschavingen worden voor een groot deel bepaald door het verhaal waar ze collectief in leven. Het verhaal dat bepaalt wat een samenleving als werkelijk acht, wat er als zinvol wordt beschouwd, wat er wenselijk of zelfs mogelijk wordt geacht.” (Herhaling is de moeder van het onderwijs, wordt wel eens gezegd.)


En zeg nu zelf: hoe verwonderlijk is het dat we met zo’n verhaal als leidraad er niet veel van bakken op dit ogenblik? Indien je een kwetsbare, zoekende en gevoelige tiener inpepert dat zijn bestaan zinloos is, dat zijn gevoelens en waarden een illusie zijn, dat hij een egoïstisch organisme is dat louter toevallig ontstaan is in een doelloos en wreed universum en dat hij maar beter kan pakken wat hij kan voordat iemand anders ermee weg is,... hoe groot is de kans dat die tiener gaat opgroeien tot een gezonde volwassene in een harmonieuze relatie met diens omgeving? (Want, zoals filosoof Báyò Akómólafé het zo heerlijk gevat stelde: “Reality is a teenager!”) 

Hoe verwonderd moeten we zijn als die tiener soelaas zal zoeken in drugs, alcohol, geweld, zelfpijniging, of depressie? Hoe verwonderlijk is het als die tiener op zeker ogenblik heel het huis platbrandt?






Toen ik begon met deze blog en het project, wilde ik een aantal lange essays schrijven over onze mythologie, ons paradigma, ons Verhaal, ook vanuit de inzichten in mijn werk als beeldend kunstenaar. Maar ik zal die essays, die ik voor een deel ook echt al geschreven heb, eerder verwerken in kortere teksten en mogelijke films en een podcast, omdat het niet mijn bedoeling is om een louter mentale of academische boodschap te formuleren omtrent die dingen, maar eerder om een levend geheel van inzichten, gewaarwordingen en meditatie-oefeningen te ontwikkelen die meer dan enkel het hoofd aanspreken. Want één van de problemen is precies dat we alles veel te veel mentaal benaderen, en dan ook nog eens veel te veel vanuit onze linker hersenhelft. 






Daarom vermoed ik dat vele toekomstige mijmeringen daarover zullen gaan: over de nieuwe verhaallijnen die opduiken, en hoe die zo verschillen van wat we gewend zijn. En zoals ik al zei, mijmeren doet een mens niet volgens plan, maar ik vermoed dat ik ook verder zal mijmeren over vele vragen die opkomen bij het onderwerp van ons overkoepelende Grote Verhaal. Vragen zoals: 


“Waarom zouden we de juistheid van ons verhaal in twijfel trekken? Vooruitgang is toch onmiskenbaar? We zijn er toch zoveel beter aan toe dan ooit?”


“Hebben we écht een Groot Verhaal nodig? Er is zoveel wantrouwen tegen Grote Verhalen? Hebben die Grote Verhalen niet eindeloos veel ellende veroorzaakt in het verleden? God en Vaderland en Vooruitgang, zijn het niet net die grote verhalen die ons aan de rand van de afgrond hebben gebracht? En vooral dan religie, zijn we niet zoveel slimmer nu we niet meer geloven in zo’n destructieve sprookjes?”


“Welke relatie is er tussen mijn persoonlijke verhaal en dat zogezegde Grotere Verhaal waar we in leven? En wat als ik geen verhaal heb of wil hebben?”


“Waarom geloven we wat we geloven? En waarom is het zo moeilijk om iets ànders te gaan geloven? Hoe kan ik veranderen wat ik geloof? En is dat nodig?”


“Welke rol hebben verschillende verhalen gespeeld in de ontwikkeling van wat we ‘beschaving’ noemen, en in het bijzonder in de ontwikkeling van wat we de ‘Westerse moderniteit’ kunnen noemen? Welke verhalen hebben ons zo in de problemen gebracht en hebben onze relatie met onze leefwereld, het ruimere organisme waar we deel van uitmaken, zo verstoord?”


“Kunnen we terug iets leren van de verhalen waar ándere culturen in leven?”


“En als alles verhaal is, is er dan ook iets van wààr? Of zijn het toch maar ‘praatjes voor de vaak?’ Sprookjes die we onszelf vertellen als troost in een zinloos universum?”


“En waarom zou het écht nodig zijn dat we ons collectief verhaal veranderen? Kunnen we het echt niet oplossen door meer technologie, die ons tot dusver al zoveel macht heeft gegeven over die zinloze en onverschillige natuur?”


“En wat heeft dat allemaal met mij te maken? Wat heb ik er aan, aan al die grote verhalen?”






Je ziet: genoeg om nog een tijdje door te mijmeren. Ik zal de komende maanden verdergaan met een aantal wijze mensen aan het woord te laten die zich al hebben gebogen over deze vragen en andere, en die ook vanuit de wetenschap tot heel andere antwoorden komen dan we gewend zijn. Mensen die ons Westerse verhaal van zinloosheid ook vanuit de wetenschap meer en meer ontmaskeren als onwaarachtig. Of mensen die overtuigend argumenteren waarom wetenschap niet onze énige leidraad kan zijn in onze zoektocht en waarom niet alles kenbaar is via wetenschap. En mensen die haarscherp kunnen identificeren welke aspecten van ons huidige verhaal onafwendbaar geleid hebben tot de huidige convergentie van ecologische en andere crisissen, oftewel de ‘metacrisis’.


Ik kijk er al naar uit, naar al dat mijmeren. In sommige gevallen zullen die mijmeringen de vorm aannemen van essays, als het echt uit de hand loopt. En komende zomer begin ik te experimenteren met video en podcast, dus dan zal het mijmeren ook een andere dimensie krijgen. 







Ik wil deze mijmering afsluiten met een kort verhaal. Want daar ging het tenslotte over: over verhalen. 

Het korte verhaal dat nu volgt is een oude legende uit Centraal Amerika, een legende  die toegeschreven wordt aan de Azteekse of Maya overlevering. Het is een mooi verhaal, en één dat ook al meteen duidelijk maakt hoe belangrijk verhalen kunnen zijn in het licht van de convergentie van ecologische crisissen, en in het licht van de vraag wat ieder van ons daarin te doen staat. 



Ik wens jullie alvast veel genoegen met dit mooie, oude verhaal.


En tot de volgende aflevering, 


Het ga jullie goed,

Filip




“Volgens een oude Indiaanse legende was er op een dag een grote brand in het bos. Alle dieren vluchtten verschrikt alle kanten op, want het was een zeer hevige brand. Plotseling zag de jaguar een kolibrie over zijn hoofd vliegen, maar in de tegenovergestelde richting. De kolibrie vloog naar het vuur!


Wat er ook gebeurde, hij wilde niet stoppen. Even later zag de jaguar hem weer passeren, dit keer in dezelfde richting als de jaguar liep. Hij kon dit komen en gaan observeren, totdat hij besloot de vogel ernaar te vragen, want het leek erg bizar gedrag.


“Wat ben je aan het doen, kolibrie?” vroeg hij.


“Ik ga naar het meer,” antwoordde de kolibrie, “ik drink water met mijn snavel en gooi het op het vuur om het te doven.” De jaguar lachte. 'Ben je gek? Denk je echt dat je dat grote vuur in je eentje kunt doven met je hele kleine snavel?'


“Nee,” zei de kolibrie, “ik weet dat ik dat niet kan. Maar het bos is mijn thuis. Het voedt me, het geeft mij en mijn familie onderdak. Daar ben ik heel dankbaar voor. En ik help het bos groeien door zijn bloemen te bestuiven. Ik ben een deel van haar en het bos is een deel van mij. Ik weet dat ik het vuur niet kan doven, maar ik moet mijn deel doen.


Op dat moment waren de bosgeesten, die naar de kolibrie luisterden, ontroerd door de vogel en zijn toewijding aan het bos. Op miraculeuze wijze zonden ze een stortbui, die een einde maakte aan de grote brand.


De Indiaanse grootmoeders vertelden dit verhaal af en toe aan hun kleinkinderen en besloten dan met: “Wil je wonderen in je leven aantrekken? Draag je steentje bij.”


“Je hebt niet de verantwoordelijkheid om de wereld te redden of de oplossingen voor alle problemen te vinden, maar om aandacht te schenken aan jouw persoonlijke hoekje van het universum. Als iedereen dat doet, redt de wereld zichzelf.“





 




Comentários


bottom of page